Skyscapes

“Skysights” was an obvious name for these dainty images, but Peter Heij calls them “Skyscapes”. This name emphasizes that, like the creation of land from sea in Holland by the Dutch, something is created here, it is cultivated by the hand of man. And, indeed, while the painter, from a technical standpoint, works in a strict realistic manner, he also abstracts the subject – not by adding “strange” or “unnatural” elements, but omitting everything else. Since there is no land in sight, no living soul, not even a heavenly body, the viewer loses all reference points. The scale and orientation of the image hang in the air. Only the sunbeams, the composition of the clouds, and the form of the canvas gives an indication. The sky is divorced from the earth, loose from the ground, endless, immeasurable, absolute.
The atmosphere is global, the most universal location on earth. Peter Heij stresses, as well, the singular character of his “Skyscapes”. Each of them defines itself through a particular place, occurrence, or person. The sky is not a “no-man’s land”. On the contrary, it is part of everyday life – no more the seat of the gods or a purgatory of the dead, but the unending vista of every mortal.
From: Peter Heij, Figures and Skyscapes by Dr. David Bos. Translated from Dutch by David Michael Haley.

Oil on canvas or linen

NL

‘Luchtgezichten’ was een voor de hand liggende benaming geweest voor deze ijle beelden, maar Peter Heij noemt ze ‘luchtschappen’ (skyscapes). Die naam wijst erop dat hier iets is geschapen, door mensenhand in cultuur is gebracht. En inderdaad: in technisch opzicht mag de schilder strikt realistisch te werk zijn gegaan, alweer abstraheert hij – niet door het toevoegen van ‘vreemde’, ‘onnatuurlijke’ beeldelementen maar door het weglaten van al het andere. Doordat er geen land in zicht, geen levende ziel en zelfs geen hemellichaam te bekennen is, verliest de toeschouwer alle houvast: de schaal en oriëntatie van de voorstelling komen in de lucht te hangen. Alleen de lichtval, de strekking van de wolken en de vorm van het doek zelf geven een vingerwijzing. De lucht is der Welt abhanden gekommen, los van de grond, zonder einder, onmetelijk, absoluut.

Het luchtruim is globaal, het universeelste oord ter wereld. Peter Heij benadrukt evenwel het particuliere karakter van zijn ‘luchtschappen’. Elk daarvan strekt zich uit over een bepaalde plaats, gebeurtenis of persoon. De hemel is geen niemandsland; au fond maakt ze deel uit van de bewoonde wereld – niet langer als zetel der goden, of voorland van de doden maar als het eindeloze uitzicht van iedere sterveling.

Uit: Peter Heij, Gestalten en Luchtschappen door Dr. David Bos.